Kijkeensomhoog 2004



  • 12 t/m 19 december 2004:
      Komeet C/2004 Q2 (Machholz)

      De slechte weersomstandigheden hebben het de waarnemers niet gemakkelijk gemaakt vroegtijdig een glimp van deze veelbelovende komeet op te vangen. De eerste melding van een waarneming van komeet Machholz kwam van Ton Evenhuis te Appingedam. Hij zag hem op zondag 12 december rond 23.15 MET onder sterrenbeeld Orion. Een zoekkaartje kwam van www.spaceweather.com die er vanaf 10 december melding van maakte. In zijn binoculair was de komeet glashelder. Een staartje was echter nog niet zichtbaar en voor het blote oog was de komeet nog te zwak. De komeet stond nog laag bij de horizon.

      De tweede melding kwam van Werner Krijgsveld. Hij had op 17 december (0:40 MET) voor het eerst komeet Machholz waargenomen vanuit Meedhuizen met een 7x50mm verrekijker. Er was geen staart te zien en de geschatte helderheid lag bij m=+5. De komeet stond halverwege onder de lijn Rigel - Zaurak (gamma-Eridani).

      Op 18 december onderbrak Wim Zanstra te Appingedam een verjaardagvisite om rond 23.00 MET zijn eerste waarneming te doen aan komeet Machholz. Het was een gemakkelijk object dat met een 10x50 binoculair en een eenvoudig kaartje van spaceweather snel gevonden was, rechts onder Orion en zo'n 25 graden boven de horizon. Hij schatte de helderheid op m=5,2 en de comadiameter op 19 boogminuten. (De diameter van de volle maan is 30 boogminuten). De komeet was behoorlijk gecondenseerd (DC=3) en vertoonde (nog) geen staartje.

      Op 19 december zien Ruth Favarger en Marga Heeres de komeet rond 22.30 MET met een gewone verrekijker.

  • 7 t/m 15 december 2004:
      Geminiden

      De radiant ligt bij de coördinaten a = 112º (07h en 28m) en d = 33º. De meteoren komen met een snelheid van 35 km/s de dampkring binnen en zijn afkomstig van de planetoïde 3200 Phaeton.

      In verband met de slechte weersomstandigheden zijn er geen meldingen binnen gekomen van visuele waarnemingen. Wel was er een reactie van de Damster zend-amateur Peter Knol (PA1SDB). Hij heeft samen met de Belg Johan Smet (ON5EX) van 7 t/m 15 december radiowaarnemingen gedaan aan de Geminiden, die resulteerden in onderstaande dubbelgrafiek. De piek van de Geminiden in de nacht van 13 op 14 december is goed te zien. Er werden tot 35 meteoren per uur geteld, langer dan 30 seconden. Helaas ontbreken er een paar kleine stukjes in de grafiek.

      Dat komt deels door een vermoedelijke stroomstoring in het oostblok en het vastlopen van een PC. Toch is de Geminidenpiek goed te zien. De vorm van de grafiek wordt enerzijds bepaald door het aantal meteoren dat per uur in de aardse dampkring terecht komt en anderzijds door een dagelijkse variatie in de geregistreerde uuraantallen die een afspiegeling is van de kans op het ontvangen van een reflectie van een meteoor (de kansfunctie van Hines). Rond middernacht, in de vroege ochtend en midden overdag wordt de kansfunctie minimaal voor een naar het oosten gerichte antenne, omdat dan achtereenvolgens de radiant tweemaal door het verticale vlak gaat en onder de horizon verdwijnt. Het verticale vlak is het vlak loodrecht op de aarde door de zender en ontvanger. Voor langdurige reflecties wordt de kansfunctie nul als de radiant onder de horizon verdwenen is.


      .......................december............8............9..........10..........11........12.........13..........14..........15

      De waarnemingen zijn gedaan met Spectrum Lab (Spectogram software) door simpelweg alle 'frequentiestabiele' reflecties van de zenders die langer duurden dan 30 seconden handmatig te tellen. Er waren trouwens heel veel kortere reflecties van 1 à 2 seconden, maar het was niet te doen om die allemaal te verwerken. Vandaar de drempel bij 30 seconden. Johan werkte op 49.739 MHz met een televisiezender in Hongarije (Budapest) en Peter op 49.760 MHz met een Tsjechische televisiezender (Ostrava). Als antenne werd gebruikt een Magnetic Loop antenne met een diameter van 32 cm en een buisdikte van 22 mm. Deze is met behulp van een gamma match aangesloten op de coaxkabel. Met een afstemcondensator uit een oude buizenradio wordt de gewenste frequentie ingesteld.

  • 13 december 2004:
      Regenboog ?

      We zagen een vreemd verschijnsel een maandje geleden en we vragen ons nog steeds af wat dit zou zijn of is het gezichtsbedrog?? Misschien dat jullie een antwoord hebben?

      Groeten, John Klinkhamer

  • 20, 25 en 27 november 2004:
      Optische verschijnselen

      Op 20 november ziet Adel Hamzaoui te Appingedam rond 13.45 MET een complete regenboog in noordelijke richting, gevolgd door een fikse hagelbui. Een paar dagen later, op 25 november na een mooie dag en op 27 november verschenen er in de avond heldere 22 graden kringen om de bijna volle maan, die waargenomen werden door Adel Hamzaoui en Wim Zanstra. De laatste zag op 20 december vanaf 19.15 MET ook een mooie halo rond de maan (k=0,71+).

  • 23 november 2004:
      Regenbogen

      Adel Hamzaoui meldt vanuit Amersfoort de verschijning van meerdere regenbogen tijdens een koufrontpassage. Ruth Favarger doet eenzelfde melding vanuit Delfzijl.

  • 20 november 2004:
      Regenbogen en haloverschijnselen

      Ton Evenhuis te Appingedam meldt veel regenbogen en haloverschijnselen onder en boven de buienwolken in een aanvoer van koude lucht vanuit het noordwesten. Vooral in de ijskristalletje boven de wolken ontstonden diverse bijzonnen en delen van halo’s.

  • 19 november 2004:
      Grote Kijkavond

      Tijdens de Grote Kijkavond te Slochteren hebben zo’n 70 bezoekers gekeken naar de kraters op de maan, de sterrenbeelden, de Pleiaden, het Andromedastelsel, de Ringnevel in de Lier en de dubbele sterrenhoop in Perseus.

  • 19 november 2004:
      Leoniden en vuurbol

      Ton Evenhuis probeert vanuit Appingedam iets van de Leoniden waar te nemen tussen 23.00 en 24.00 MET. In plaats daarvan ziet hij een fel witte, korte, snelle vuurbol van Aldebaran in de richting van Castor vliegen tussen 23.30 en 23.45 MET. Naar de richting gerekend had dit een Tauride kunnen zijn, maar die zijn over het algemeen traag en oranje van kleur. Hoewel het maximum van de Leoniden om 22.50 MET werd verwacht konden de leden van deze zwerm op dit moment nog amper worden waargenomen, omdat de radiant nog niet op was.

  • 9 november 2004:
      Meteoriet

      Sevgim Ugurlu (Appingedam) meldt dat er in West Turkije bij de plaats Izmit een meteoriet is gevallen. Het verschijnsel is op film vastgelegd en groot nieuws geworden. Helaas is het brokstuk helemaal verbrand.

  • 8/9 november 2004:
      Opleving Leoniden

      Ondanks pogingen en het heldere weer in de nacht van 8 op 9 november werd door Ton Evenhuis (Appingedam, 00.00-04.15 MET), Trijnie Drenth (Oude Pekela), Rob Stammes (Dirkshorn), Wim Zijlema (Slochteren) en Wim Zanstra (Appingedam) geen echte opleving van de Leoniden waargenomen. Vermoedelijk is daar ook niets van terecht gekomen. Ton kan slechts 1 exemplaar bijschrijven om 01.50 MET. De anderen hebben geen Leoniden gezien, ook geen poollicht.

  • 7 november 2004:
      Snoeken

      Een snoekvisser, de heer Giesbeek, denkt dat snoeken zich niet laten vangen op dagen dat de zon en de maan beide boven de horizon staan (!)

  • 6 november 2004:
      Meteoor

      Hans Lantinga zag vannacht om 00.05 MET een lange meteoor die meerdere uitbarstingen had. Hij kon hem ongeveer 4 seconden volgen tot hij achter de daken verdween. Hij vloog vanaf de Poolster over de Grote Beer richting Kleine Leeuw naar de kop van de Leeuw. Tot welke zwerm behoort hij? Antwoord: Zo op het eerste gezicht lijkt het geen lid van een bekende zwermen zal het vermoedelijk om een sporadische meteoor gaan. Maar omdat die zelden zo opvallend zijn zou je misschien ook kunnen denken aan een terugvallend stuk ruimteschroot.

  • 5 november 2004:
      Regenboog

      Adel Hamzaoui (Appingedam) ziet om 09.49 MET een deel van een regenboog.

  • 4-11 november 2004:
      Poollicht

      Rob Stammes, Ton Evenhuis, Wim Zijlema, Trijnie Drenth en Wim Zanstra houden zich bezig met de registratie van de voor deze tijd extreme activiteit van de zon en de invloed op de aarde, dat zelfs leidde tot poollicht. Rob meldt op 4 november midden op de dag sterke vlagen van pulserende radioruis verhoging van het type Radio I noise storm op de VHF-band. De antenne is naar het zuiden gericht. Iets dergelijks komt niet vaak voor. De oorzaak ligt hoog in de atmosfeer van de zon. Een mooie waarneming wordt gedaan door Wim Zijlema. Hij ziet een uitbarsting op de zon zelfs in zichtbaar licht als een witte vlek midden in het actieve gebied AR696 op 6 november in de ochtend. “Helaas” kan van het poollicht alleen maar de radioreflectie op 7, 8, 9 en 10 november worden waargenomen door Rob. Het slechte weer speelde parten.

  • 3 november 2004:
      Stofwolk

      Door de uitbarsting van de IJslandse vulkaan Grimsvötn hangt er de komende dagen een lange stofwolk boven ons gebied die zich uitstrekt van IJsland tot de Zwarte Zee. Vluchten van de KLM werden afgelast. Onder andere Ton Evenhuis, Ruth Favarger, Max Sietsema en Wim Zanstra konden hiervan de dagen erna een glimp opvangen door met een zonnebril naar de heldere lucht in de omgeving van de zon te kijken. Daar tekende zich een bruingrijs gebied af met een diameter van zo’n 40 graden, dat geleidelijk in omvang afneemt. (De ring van Bishop).

  • 28 oktober 2004:
      Totale maansverduistering

      Wim Zanstra (Appingedam) heeft de totale maansverduistering tussen 04.23 en 05.44 MEZT in verband met de bewolking niet kunnen waarnemen.

  • 27 oktober 2004:
      Interview

      Ton Evenhuis haalt de krant (Dagblad van het Noorden) met een interview door Anne Sonnenschein over de komende maansverduistering. Ton Evenhuis (Appingedam), Cor Kool (Holwierde), Ruth Favarger en Wim Zanstra (Delfzijl) zien tussen 11.15 en 12.00 MEZT extreem felle bijzonnen links en rechts van de zon, stukjes van de kleine kring en gedeelten van de parhelische ring. Ook weervrouw Harma Boer maakt hier in het weerpraatje melding van.

  • 26 oktober 2004:
      Contrail en halo om de maan

      Ton Evenhuis doet om 10.00 MEZT een waarneming aan een contrail (jetstream) van een vliegtuig in het zuidoosten op een hoogte van 40 graden boven de horizon. In 2 minuten en 15 seconden verplaatst het spoor zich in zijn eigen lengterichting over een hoekafstand van 20 graden onder invloed van de op die hoogte heersende wind van WZW naar ONO. Aannemende dat het vliegtuig op een werkelijke hoogte van circa 10 km vloog kan worden berekend dat de afstand tot de waarnemer 16 km is geweest. De verplaatsing over 20 graden komt op die afstand dan overeen met 5,5 km. De windsnelheid is dan 145 km/u geweest. Reken dat maar eens na!

      Rond 23.00 MEZT ziet Adel Hamzaoui (Barneveld) kortstondig een deel van een vrij heldere halo van 22 graden rond de maan.

  • 21/22 oktober 2004:
      Orioniden

      Op de waarnemingsplaats bij Hornhuizen hebben Klaas Bus en Ton Evenhuis bij mooi helder weer en 10 ºC tussen 22.45 en 06.45 MEZT waarnemingen gedaan aan de meteorenzwerm van de Orioniden (moederkomeet: 1P/Halley). Ton begon om 00.30 MEZT. Beiden maakten gebruik van ongeveer hetzelfde gezichtsveld. Er werd niet constant gekeken, maar ook gefotografeerd met 4 camera’s. Klaas heeft 65 meteoren geteld, waaronder 10 sporadische en 55 Orioniden. Ton kwam tot een aantal van 60 meteoren. Er waren veel bij met een nalichtend spoor.

  • 18 oktober 2004:
      Meer onweer op nieuwe lokatie

      Ton Evenhuis meldt dat het Groene Laantje bij Appingedam heeft afgedaan als waarnemingsplek. Er is teveel storend licht van auto's op de nieuwe weg naar Holwierde. Als nieuwe locatie is gekozen voor de Kloosterweg ten noorden van Jukwerd. Omstreeks 21.00 uur op 18 oktober 2004 zag Klaas Bus daar een lichtflits in de richting WNW. Het was aanvankelijk niet duidelijk of dit een bliksemflits was. De bliksemkaart van de Deutsche Wetterdienst liet zien dat er op genoemd tijdstip ten noorden van Terschelling een bliksemontlading had plaats gevonden. Wat is het internet toch prachtig. Ook is door Klaas omstreeks dezelfde tijd een meteoor waargenomen met een nalichtend spoor.

  • 18 oktober 2004:
      Lichtverschijnselen in hoge cirrusbewolking

      Op 18 oktober 2004 kwamen er tevens twee meldingen binnen die te maken hadden met de aanwezigheid van een laag cirrusbewolking die zo nu en dan tussen de lager overdrijvende cumulusbewolking zichtbaar werd. Om 15.45 MEZT zag Ton Evenhuis een fel gekleurde circumzenitale boog bijna in het zenit en tegen 19.30 uur verwarde Wigbold Wierenga het tegen de cirrus schijnende licht van de ondergaande maan (k=0,19) met het noorderlicht. Daar er geen tekenen waren van magnetische verstoringen kon de laatste optie worden uitgesloten.

  • 18 oktober 2004:
      Onweer

      In de ochtend van 18 oktober 2004 tussen 10.00 en 12.00 uur hoorde Ton Evenhuis veel onweerskrakers op de middengolf op 1600 kHz. Ook waren deze waar te nemen op zijn Skyscan. Bij nader onderzoek bleken deze ontladingen van een onweersfront te zijn gekomen op ca. 25 km ten Noorden van de Wadden.

  • 15 oktober 2004:
      Onbekend object

      Wim Lambeek bericht uit Uithuizen: Op de avond van 15 oktober 2004 probeerde ik foto's te maken. Vlak voordat ik wilde stoppen kroop er ineens een bewegend object door het beeldveld van de telescoop. Op dat moment was het rond 23:50 MEZT en de kijker stond gericht op het Andromedastelsel M31, dat samen met het zusterstelsel M32 zichtbaar was. Het object bewoog zich langzaam. Naar schatting werd in zo'n 30 sec de afstand tussen M31 en M32 overbrugd. Ik heb geen idee wat het geweest zou kunnen zijn. Een satelliet beweegt veel sneller en varieert in helderheid. Dit object bewoog echter in richting van M32 en bleef constant van helderheid.

  • 12 oktober 2004:
      Draconiden ?

      Op 10, 11 en 12 oktober 2004 werden door Klaas Bus, Johan Immel en Rob Stammes bij toeval waarnemingen gedaan, vermoedelijk aan de meteorenzwerm de Draconiden. Lees het uitgebreide verslag in De Vangspiegel 2004-7.

  • 12 oktober 2004:
      Vlekkenloze zon

      Op 9, 10, 11 en 12 oktober 2004 heeft Wim Zanstra op de zon geen vlekken kunnen waarnemen. De zon gaat duidelijk een rustige periode tegemoet.

  • 9 oktober 2004:
      Geen waarneming is ook een waarneming

      Op zaterdagavond 9 oktober 2004 van 23.00 uur tot 10 okt 00.15 uur (MEZT) vanaf het Groene Laantje te Appingedam heeft Ton Evenhuis de noordoostelijke hemel bekeken en NIETS gezien. Geen satelliet (de zon was waarschijnlijk te diep onder de horizon) en ook geen meteoren (Draconiden). De reden van zijn nachtelijke activiteit was gelegen in de zeer heldere, droge lucht, waardoor o.a. de Melkweg en het Andromedastelsel opvallende verschijnselen waren.

  • 8 oktober 2004:
      Kleurschakeringen

      Op 8 oktober 2004 werden door Ton Evenhuis rond zonsondergang om circa 19.00 MEZT vreemde kleurschakeringen in het oosten tegenover de zon waargenomen. Wim Zanstra en Adel Hamzaoui konden dit bevestigen. Het leek tot 15 graden boven de horizon vrij donker. Daarboven werd het vrij plotseling lichter en een beetje rozeachtig. Hier zagen zij in het oosten de aardschaduw opkomen.

  • 4 oktober 2004:
      Gerommel

      Waarnemend op het Groen Laantje te Appingedam op 4 oktober 2004 hoorden Ton Evenhuis en Klaas Bus rond 22.00 MEZT een zwaar dof gerommel in noordelijke richting, schijnbaar op een hoogte van zo'n 30 graden. Na controle op het internet kon onweer worden uitgesloten. Wie heeft dit ook gehoord?

  • 15 september 2004:
      De zon

      In de maanden mei t/m september kende de zon een paar extra actieve periodes met coronale massa-uitbarstingen en sporadisch poollicht op onze breedtes. De gemiddelde Wolfgetallen bedroegen volgens het SIDC achtereenvolgens 41 (mei) en 43 (juni). Hoewel de zon op weg is naar haar minimum registreerde Wim Zanstra toch een actief gebied (vlekkengroep) dat met het blote oog (door een filter!!) te zien was van 19 t/m 28 juli. Poollicht was het gevolg dat door Ton Evenhuis en Rob Stammes waargenomen en geregistreerd werd (zie boven). Ook op 5 september was er weer een vlekkengroep met blote oog te zien. Een flare met een massa-uitbarsting op 12 september veroorzaakte op aarde magnetische verstoringen op onze breedte op 13, 14 en 15 september.

  • 14 september 2004:
      Dubbele regenboog

      Op 14 september rond 18.45 uur neemt de familie Van Tilburg (eigenaar Croissanterie La Vie en Rose te Appingedam) vanuit de auto rijdend op de N33 in de buurt van Siddeburen een prachtige complete dubbele regenboog waar met beide uiteinden op de horizon. Duidelijk is het gebied tussen beide bogen donkerder. De kleuren in beide bogen zijn elkaars spiegelbeeld. Rood aan de binnenkant, blauw aan de buitenkant.

  • 12 augustus 2004:
      Perseïden

      De omstandigheden leken dit jaar gunstig. De nachten zouden helder worden en de maan kwam pas laat op. Voor het maximum (11-13 augustus) hadden Mieke Ketelaar en ik buiten zittend op het terras bij een aangename temperatuur al enkele exemplaren gezien. In de nacht van woensdag op donderdag (11/12 augustus) zijn we naar een donkere plek gegaan om echt te gaan waarnemen (Goldbergweg, Scharmer). Van 23.35 MEZT tot 00.35 MEZT zagen we samen 17 Perseïden en 1 sporadische meteoor. Er waren mooie en heldere exemplaren bij. Helaas kwam de periode van mooi weer tot een einde. De lucht werd veel vochtiger (grensmagnitude 4,5) en omstreeks half één werd het goed mistig. In Kolham was het echter nog helder en heb ik nog enkele uren alleen gekeken tot de maan op kwam en het ook dichttrok van de mist. De resultaten:

      Periode (MEZT), 12 augustus Waargenomen Perseïden
      2.00 - 3.00 uur 18
      3.00 - 4.00 uur 20
      4.00 - 4.30 uur 9


      Wim Zijlema

  • 27 juli 2004:
      Perseïden

      Tussen de bedrijven door heb ik ook nog een 25-tal Perseïden waargenomen. De eerste al op 27 juli toen ik tijdelijk op het Groene Laantje bivakkeerde. Veel meteoren met een nalichtend spoor. Het langste spoor was 20 graden.

      Ton Evenhuis

  • 25 juli 2004:
      Poollicht

      Op 25 juli varieert de kp-index van 6 tot 8. Het is helaas bewolkt, maar tussen 23.00 en 23.30 uur (kp-index 7) begint de bewolking wat te breken. Zo zijn om 23.10 uur Deneb en Wega te zien door gaten in het wolkendek. Echter nog geen spoor van poollicht. Om 23.20 ontstaat er in het noordoosten van azimut 25 tot 40 graden en met een elevatie van 10 graden een langgerekte spleet tussen de wolken. Door deze opening is met de veldkijker een groenachtige gloed waarneembaar. Na ongeveer 5 minuten is deze opening al weer dicht. Zeer waarschijnlijk is dit een poollicht waarneming geweest. Bevestiging door Rob Stammes te Dirkshorn.

      Op 27 juli varieert de kp-index van 5 tot 9. De waarde van 9 gebeurde overdag van 12.00 tot 15.00 uur. De laatste uren van deze dag is de kp-waarde afgezakt tot 5.
      Het is echter geheel onbewolkt en dus om 23.00 uur toch naar het Groene Laantje. Geen poollicht. Pas toen mijn ogen zich hadden aangepast aan de duisternis zag ik een geelachtige gloed van azimut 320 tot 10 graden. Maximale elevatie 12 graden.
      Deze waarneming wordt eveneens bevestigd door Rob Stammes en door Elmshorn aan de monding van de Elbe, waar een diffuse glow wordt gemeld. Stralen heb ik niet gezien, deze zijn wel waargenomen te Elmshorn.

      Ton Evenhuis

  • 13 juli 2004:
      Lichtende nachtwolken(nog een keer)

      Lichtende nachtwolken zijn ook waargenomen door Ruth Favarger (8 juli), Marga Heeres (8, 9 en 10 juli) en Wim Zanstra (1, 8 en 13 juli).

  • 7 juli 2004:
      Komeet C2001/Q4 (NEAT)

      In de periode van 15 mei t/m 7 juli 2004 werd komeet C/2001 Q4 (NEAT) 16 maal met een 10x50 binoculair waargenomen door Wim Zanstra te Appingedam. De helderheid varieerde van 4,3 tot 6,6 magnitude. De diameter van de coma liep van 46 naar 12 boogminuten. In het begin was er een staartje te zien met een lengte van 2 graden. De omstandigheden waren niet optimaal: veel schemer en maanlicht. Ook Ton Evenhuis heeft een aantal malen deze komeet kunnen waarnemen (o.a. op 25 mei) en opgemerkt dat hij steeds zwakker werd en geen staart had.

  • 30 juni 2004:
      De zonsverduistering van 1954

      De redactie van De Vangspiegel heeft op 30 juni even stilgestaan bij de zonsverduistering (82% in onze streken) die 50 jaar geleden in ons gebied te zien was. Het was mooi weer en op een woensdagmiddag rond 13.40 MET. Veel (lagere) scholen besteedden er aandacht aan. Die van de redacteur niet. Toch ging de gebeurtenis niet ongemerkt voorbij, doordat er veel over gepraat werd. Voor verschillenden onder ons moet dit een impuls zijn geweest om met de sterrenkundehobby (of beroep) te beginnen. Zie Hemel en Dampkring, december 1953 en juli/augustus/september 1954. De totaliteitszone begon bij zonsopkomst in de Verenigde Staten (Nebraska) om 11.08 UT en voerde in de richting van Labrador (11.26 UT) waar zij 141 km breed was. Verder ging de eclips over het zuiden van Groenland, langs de zuidkust van IJsland in de richting van de Shetland Eilanden en de Noorse kust (Bergen) tussen Oslo en Göteborg door naar Litauen, Rusland (Kiev), Iran, Afghanistan en Pakistan naar India, waar de eclips bij zonsondergang eindigt. Een geslaagde Nederlandse expeditie naar het eiland Gothland stond onder leiding van de bekende wetenschappers professor Minnaert, dr. J. Houtgast en professor A.C.S. van Heel. Er werden programma's uitgevoerd met betrekking tot de corona, de chromosfeer en de vliegende schaduwen.

  • 29 juni 2004:
      Lichtende nachtwolken

      Op 29 juni van 03.00 tot 04.00 uur (MEZT) in het gebied van sterrenbeeld Voerman. Structuur: fijne golfjes, ribbels en strepen. Kleur: blauwachtig/wit.

      Op 01 juli van 23.50 tot 00.30 uur van azimut 300 tot 000 graden. Structuur: langgerekte banden, ribbels en golfpatronen. Opvallend fel witte plukken, vooral in het gebied om Menkalinan. Elevatie: tussen 10 en 30 graden boven de horizon.

      Op 2 juli van 03.00 tot 03.45 uur. Structuur: lange dunne sliert vanaf Capella tot azimut 60 graden, waar de sliert achter wolken verdwijnt. Kleur: fel zilverwit.

      Op 8 juli van 22.35 tot 00.30 uur van azimut 290 tot 20 graden. Elevatie: van maximaal 30 graden, zakkend naar 10 graden om 00.30 uur. Structuur: golven, ribbels en langgerekte banden en "wilde" structuren zoals wel eens te zien is onder cumulus wolkjes. Was er turbulentie op 80 km hoogte? Kleur: blauwachtig/wit, waarbij blauw dominant was. Wat verder opviel was de grote snelheid waarmee de lichtende nachtwolken zich van oost naar west verplaatsten.

      Ton Evenhuis

  • 8 juni 2004:
      De sikkel van Venus

      Gedurende de periode voor de Venusovergang op 8 juni kon kon Venus in de vroege avonduren goed worden waargenomen met de telescoop bij vergrotingen van 50 maal. Duidelijk werd de sikkel smaller terwijl de planeet de zon naderde.

  • 4 mei 2004:
      Totale maansverduistering

      Vanuit hun hotel in Wenen waren Marga Heeres en Henriëtte de Boer in staat rond 22.30 uur de totale maansverduistering van 4 mei waar te nemen.

  • 3 mei 2004:
      Venus overdag

      Op 3 mei meldt Ton Evenhuis dat hij in staat was regelmatig de heldere planeet Venus overdag waar te nemen. Onder andere op 24 april was hem dat al gelukt in het Lauwersmeergebied.

  • 7/8 april 2004:
      Poollicht

      Er zijn twee meldingen binnen gekomen van mevr. S. Germain van poollicht, waargenomen ten noorden van Appingedam op 7 april rond 23.45 uur en een dag later tussen 22.45 en 23.00 uur. De kleuren waren rood en groen. De patronen snel bewegend en vlak boven de horizon tussen de vele wolken door. Inderdaad waren er rond die tijdstippen "toevallige" kortstondige magnetische verstoringen en een naar het zuiden gericht interplanetair magnetisch veld.

  • 4/5 april 2004:
      Halo

      In de nacht van 4 op 5 april ziet Wim Zanstra rond 01.00 uur een mooie en duidelijke 22 graden halo rond de volle maan. Jupiter bevond zich juist buiten de halo westelijk van de maan.

  • 4 april 2004:
      Regenboog

      Ton Evenhuis te Appingedam meldt een mooi en gecompliceerd regenboogverschijnsel zo'n 15 minuten voor een rode zonsondergang. Het bestaat uit een gewone regenboog met maximale hoogte van 40 graden en de bijboog die reikte tot een hoogte van 48 graden. Tevens zijn twee boventallige bogen onder de hoofdboog te zien.

  • 26 maart 2004:
      Meteoor

      Rond 20.00 MET zagen Trijnie Drenth, Monique Drenth en Werner Krijgsveld vanaf locatie Bellingwolde tijdens de 28e Landelijke Sterrenkijkdagen een trage oranje/geel oplichtende meteoor. Hij leek te komen vanuit het sterrenbeeld Perseus en ging via Auriga ver voorbij Orion. Het spektakel was enige seconden te volgen. De meteoor haalde ongeveer een maximum van m= -3.

  • 25 maart 2004:
      Vijf planeten

      Op de avond van 25 maart was het weer kraakhelder en konden de vijf planeten Mercurius, Venus, de smalle maansikkel (k=0,16+), Mars, Saturnus en Jupiter zowel met het blote oog als met de 15 cm Newton telescoop door Wim Zanstra worden waargenomen. De schijngestalten van Mercurius en Venus waren goed herkenbaar.

  • 23 maart 2004:
      Vijf planeten

      Het is deze avond kraakhelder tot op de horizon. Vanaf plusminus 19.30 MET konden vijf planeten met het blote oog waargenomen worden. Van west langs de ecliptica naar het oosten waren dat Mercurius, Venus, Mars, Saturnus en Jupiter. De smalle maansikkel (k=-0,04) bevond zich halverwege tussen Mercurius en Venus. Rond 20.15 MET was Mercurius verdwenen in een lage wolkenbamk boven de westelijke horizon. Het was drie dagen voor de 28e Landelijke Sterrenkijkdagen.

  • 11 maart 2004:
      Magnetische verstoringen

      Vanaf 19.00 MET meldt Rob Stammes magnetische verstoringen in schokgolfachtige patronen. Oorzaak: coronale gaten op de zon.

  • 9 maart 2004:
      Poollichtreflectie

      In de vroege avond is er bij Rob Stammes te Dirkshorn poollichtreflectie geregistreerd.

  • 7 maart 2004:
      Volle maan en de vier planeten

      Henk Danser belt vanaf zijn schip Marietje Andrea dat vaart in het Saima kanaal in het zuidoosten van Finland. Hij heeft een prachtig zicht op de volle maan en de vier planeten (van west naar oost) Venus, Mars, Saturnus en Jupiter.

  • 24 februari 2004:
      Parelmoerwolken

      Ton Evenhuis meldt een verhoogde kans op parelmoerwolken na zonsondergang in verband met een sterke afkoeling van de bovenlucht door een noordelijke stroming. Van waarnemingen zijn geen meldingen gekomen.

  • 20 februari 2004:
      Iridiumflits

      Om 19.15 MET neemt Ton Evenhuis een enkele seconden durende iridiumflits waar van magnitude -8 (!) boven het sterrenbeeld Orion. Hij bevond zich slechts 300 meter naast de centrale as.

  • Home