John Goodricke, een Groningse astronoom




This night I looked at beta Perseď (Algol) and was much amazed to find its brightness altered. It now appears to be the fourth magnitude. I observed it diligently for about an hour upwards, hardly believing that it changed its brightness, because I had never heard of any star varying so quick in its brightness. I thought it might be perhaps owing to an optical illusion, a defect in my eyes or bad air, but the sequel will show that its change is true and that it was not mistaken. (John Goodricke, fragment uit zijn logboek 12 november 1782)

John Goodricke werd op 17 september 1764 geboren in de Oude Ebbingestraat te Groningen. Zij vader was een Engelse diplomaat die daar tijdelijk woonde. Zijn moeder was dochter van een Nederlandse koopman. John was op jonge leeftijd al doof. Het is niet bekend of hij zo geboren is of dat hij later tijdens een ziekte doofis geworden. Op achtjarige leeftijd verhuisde hij alleen naar Edinburgh waar hij vanwege zijn handicap speciaal onderwijs kreeg. Hier leerde hij o.a. liplezen.

Toen hij 14 jaar was ging naar een vooraanstaande privé-school in Warrington. Drie jaar later woonde hij opnieuw bij zijn ouders in York, waar toen een grote intellectuele en wetenschappelijke gemeenschap gevestigd was. Ondertussen had John kennis gemaakt met 28 jarige Edward Pigot. Edward's vader, Nathaniel, had de beschikking over een goed uitgeruste sterrenwacht die geschikt was voor professioneel waarnemen. Hij correspondeerde o.a. met de beroemde astronoom William Herschel. Voor John was de sterrenkunde eerst alleen maar een vrijetijdsbesteding maar al snel ontwikkelde hij onder leiding van Edward Pigot een wetenschappelijke passie. Edward was geďnteresseerd in de helderheidsveranderingen van sommige sterren. John en Edward werden goede vrienden en partners in het doen van astronomische waarnemingen. Door systematisch observeren (her)ontdekte Goodricke in 1782 de lichtwisselingen van Algol (ß Persei, de Duivelster). Zonder telescoop vergeleek hij de variërende helderheid van de ster met die van de omgevingssterren met bekende helderheid.

Door het maken van een grafiek waarbij de helderheid werd uitgezet tegen de tijd leidde hij af dat Algol in een periode van 2 dagen, 20 uren, 49 minuten en 3 seconden (met een onnauwkeurigheid van 15 seconden!) van helderheid veranderde. Hij meldde deze waarnemingen in 1783 aan de Royal Society. Goodricke gaf twee mogelijke verklaringen voor deze periodieke lichtwisselingen.

2. Op de ster zou zich een donker gebied kunnen bevinden dat door de rotatie van het lichaam periodiek naar de aarde wijst.

Met zijn eerste verklaring gaat Goodricke als ontdekker van bedekkingvariabelen de geschiedenis van de astronomie in. Honderd jaar later werd zijn opvatting pas echt bewezen, maar in 1784 kreeg hij hiervoor van de Royal Society al een prijs voor de belangrijkste wetenschappelijke ontdekking van dat jaar. Twee jaar later, twee weken voor zijn overlijden, werd John Goodricke lid van deze prestigieuze club. Ondertussen ontdekte hij ook nog de veranderlijkheid van de sterren beta Lyrae en delta Cepheď. Tegenwoordig weten we veel meer over Algol. Het is een drievoudig systeem op een afstand van 96 lichtjaren van de aarde. De centrale ster is een grote, hel blauwwitte hoofdreeksster (B8) met een massa van 3,7 zonsmassa’s, een diameter van 2,9 en een helderheid van 100 maal die van onze zon. Daaromheen draait een oranjerode reuzenster (K2) van 0,8 zonsmassa’s, een diameter van 0,8 en een een helderheid van 3 maal de zon. De afstand tussen beide sterren bedraagt 5,6 miljoen km. Rond dit dubbelstersysteem draait een derde hoofdreeksster (F1) op een afstand van 449 miljoen km. Van de rode reus lekt materie naar de centrale ster waardoor er zich een schijf van hete materie rond deze ster heeft gevormd. In het gebied waar de materie van de rode reus deze schijf treft is een heldere vlek ontstaan. Onlangs werd ontdekt dat op de oranjeode ster zeer sterke 'vlammen' voorkomen en dat deze ster snel rond zijn eigen as roteert met een periode van maar drie dagen.
Wim Zijlema

Meer lezen ?

hccnet.nl/w.zijlema
Sky and Telescope, John Goodricke and His Variable Stars, november 1978
The astronomical scrapbook, skywatchers, pioneers and seekers in astronomy by Joseph Ashbrook
Burnham's Celestial Handbook. An observers guide to the universe beyond the solar system. Volume III
Sterrengids 2004
Met dank aan H. Booy, Groninger Archieven