De Camelopardaliden, een nieuwe zwerm van meteoren



Op 6 en 18 mei 2014 verschenen er op de website www.spaceweather.com berichten van de NASA dat de Aarde tijdens het komende weekend met een snelheid van 30 km/s een stroom deeltjes zou passeren die waren achtergelaten door de komeet 209P/ LINEAR. Deze komeet met een omloopstijd van ongeveer 5 jaar was op 3 februari 2004 ontdekt door het Lincoln Near-Earth Asteroid Research project. Vandaar ook de naam. Door ionisaties in de atmosfeer zou deze komeet volgens Esko Lytinen en Peter Jenniskens op 24 mei 2014 een meteorenzwerm kunnen veroorzaken, maar de voorspellers waren niet zeker van het aantal "vallende sterren" dat per uur met het blote oog te zien zou zijn. Alles was nog mogelijk. Het uuraantal zou misschien kunnen variëren van 30 tot 200 tijdens het maximum dat plaats zou moeten vinden op zaterdag 24 mei 2014 tussen 08:00 en 10:00 uur MEZT. Helaas zou dit echter wel eens goed tegen kunnen vallen, omdat het hierbij om een zwakke komeet ging. Dit bleek duidelijk uit een foto, gemaakt op 18 mei door Aaron Kingery van de Meteoroid Environment Office van de NASA met een 0,5 meter telescoop op het Marshall Space Flight Center met een belichtingstijd van 60 seconden. De komeet was niet echt fotogeniek. De vraag was hoe een dergelijke zwakke komeet zo'n heldere meteorzwerm zou kunnen veroorzaken. Er werden zeer weinig stofdeeltjes achter gelaten. Wel moet worden opgemerkt dat de stofdeeltjes die de aarde nu zou doorkruisen al hoofdzakelijk door de komeet zijn verloren in de 19de en de vroege 20ste eeuw en misschien zou de komeet toen wel actiever geweest kunnen zijn. Het komende weekend op 24 mei 2014 zou dit uit zoveel mogelijk waarnemingen moeten blijken. De zwerm heeft de naam "Mei Camelopardaliden" gekregen, omdat de sporen van de meteoren schijnbaar afkomstig zullen zijn uit het sterrenbeeld Camelopardalis (Giraffe) tussen de Voerman en de Poolster. Dit punt wordt de radiant genoemd. Het beste gebied om goede waarnemingen te verrichten zou dan Noord-Amerika moeten zijn.

Evenals de Aarde zou ook de Maan de zwerm deeltjes passeren, waarbij explosies op het maanoppervlak kunnen ontstaan die met amateurtelescopen waar te nemen zijn. Het was dan vier dagen voor Nieuwe Maan en dus een smalle maansikkel. Er bleef echter veel onzekerheid over de activiteit van deze meteorenzwerm, zowel in de buurt van de Aarde als op de Maan. In de recente historie is immers vermoedelijk nooit eerder een passage voorgekomen van de aarde door een zwerm van deeltjes van de komeet 209P/LINEAR, waaruit gegevens konden worden afgeleid. Hoewel, misschien toch wel. Volgens Bill Cooke van NASA's Meteoroid Environment Office leverde een zoektocht in de database van duizenden heldere meteoren wel een dergelijk resultaat op. Op 9 mei 2012 fotografeerde een all-sky camera een heldere meteoor op een hoogte van 66 kilometer. De helderheid was vergelijkbaar met die van de planeet Mars en de grootte moet ongeveer 3,3 cm zijn geweest. De baan ervan kwam sterk overeen met die van de komeet 209P/LINEAR. Helaas was deze enkele waarneming in 2012 geen reden om bovengenoemde meteorenzwerm op 24 mei 2014 te voorspellen. Er werden immers geen verdere deeltjes gefotografeerd met deze eigenschappen. Toch bleef de verwachting hoog, maar met veel onzekerheid. Niemand wist exact iets te melden over de dichtheid van de wolk van deeltjes die door de komeet zijn achter gelaten, omdat de Aarde hier nooit eerder doorheen is gevlogen. Het zou dus op 24 mei een complete verrassing worden. Voor vele waarnemers werd het inderdaad geen verschijnsel dat leek op een enorme meteorenzwerm. Met het blote oog konden uiteindelijk over het algemeen maar 5 tot 10 meteoren per uur worden waargenomen die toch van de komeet 209P/LINEAR afkomstig waren. Een meteorenstorm kon dit amper worden genoemd. Toch was het interessant om naar te kijken, ook al kwam er maar één Camelopardalide tevoorschijn. Bij de meeste waarnemers heeft dit toch de verwachting bevestigd dat de zwakke komeet 209P/LINEAR veel minder deeltjes had achtergelaten dan door de voorspellers gesuggereerd werd. Wel was het tijstip van het maximum van de zwerm perfect aangegeven. Een dergelijke voorspelling zou 20 jaar geleden nog onmogelijk zijn geweest. Toen bestonden er nog geen natuurkundige modellen van de uit kometen voortkomende stofstromen. In die zin was de verwachting van de Camelopardaliden wel een succes, hoewel zeker vanaf de Aarde gezien niet erg opvallend. Eveneens zijn waarnemingen gedaan vanuit de stratosfeer met een gevoelige camera. Deze werd met een heliumballon omhoog gebracht en kwam weer terecht in de Sierra Nevada. De resultaten werden niet onmiddellijk bekend. Dankzij radarmetingen konden veel meer meteoren worden gedetecteerd dan met het blote oog, maar het ging dan wel om circa 100 zwakkere deeltjes volgens Peter Brown van de Universiteit van West-Ontario.

De moederkomeet van de meteoren, 209P/LINEAR, vloog op 29 mei 2014 op zeer korte afstand van ongeveer 8,3 miljoen km langs de Aarde. In de hele geschiedenis waren er nog maar slechts 8 andere kometen nog dichter bij de Aarde langs gekomen. Toch was de komeet nog te zwak om er mooie opnamen van te kunnen maken, of met het blote oog te kunnen waarnemen. Verder was de komeet niet erg actief en werden er zeer weinig stofdeeltjes geproduceerd. Met deze gegevens konden bovengenoemde waarneemresultaten duidelijk worden bevestigd. Natuurlijk zijn er ook waarnemers actief geweest uit naam van de Stichting Weer- en Sterrenkunde Eemsmond. Ook zij hebben geen grotere uuraantallen kunnen waarnemen dan twee in de heldere nanacht van 23 op 24 mei. Dit waren: Frans Hoenkamp (bij Grave) en Wim Bouwman (vanuit Appingedam). Wim Zanstra (vanaf het Groene Laantje bij Appingedam) zag helemaal niets. Rond 09:00 uur MEZT heeft Marijke Deschamps vanuit een donker en bewolkt Arizona nog één meteoor gezien. Met behulp van de radioreflectiemethode kwam Peter Knol in Appingedam rond die tijd uit op een maximaal uuraantal van negen.

WTZ